“Kannibaal.”

Boeken zijn erg redelijk. Ze veranderen niet van mening wanneer men er even niet op let. Men kan er op vertrouwen dat elk exemplaar op ieder moment altijd hetzelfde zal zeggen.
De bovenstaande woorden worden uitgesproken in Peter Greenaway’s “The Cook, the Thief, his Wife and her Lover” door Michael, een archivaris van Franse geschiedenisboeken, wanneer zijn geliefde (de dievenvrouw uit de titel) hem vraagt hoe hij in zijn leven, slechts omringd door boeken, zowel tristesse als eenzaamheid heeft weten te vermijden. Het was dan ook passend dat ik uitgerekend in een van de uitgereikte, stoffige tweedehands-boekenwinkels die onze hoofdstad rijk is uitkwam op een uitgave van het originele scenario voor deze film.
Helen Mirren, die de vrouwelijke hoofdrol speelde in “The Thief…”, liet destijds tijdens de promotiecampagne in interviews regelmatig noteren de indruk te hebben dat Greenaway rechstreeks vanuit zijn onderbewuste werkte. Haar vermoeden wordt door de aard van het scenario meer dan bevestigd. Dialogen die op film nauwelijks vijftien seconden in beslag nemen blijken op papier vaak gespreid te zijn over verscheidene pagina’s. Dit is niet enkel te wijten aan de aanwezigheid van vele sterke paragrafen die uiteindelijk geschrapt werden, maar vooral aan Greenaway’s bijna absurd gedetailleerde stage instructions – die eigenlijk veel meer zijn dan louter dat. Bij momenten waande ik mezelf verloren in een onontdekt meesterwerk van Eco. Dat Greenaway briljant gedetailleerd kon ensceneren als geen ander zal niemand verbazen – zijn films zijn in feite levende schilderijen – maar dat hij tableaus op een net zo hoog niveau kon beschrijven was een aangename verrassing.
Het boek bevat naast het eigenlijke scenario ook nog een korte inleiding door de meester-regisseur/schrijver zelf, waarin hij het heeft over zijn intententies en invloeden, wat betreft “The Cook…”. Het gaat dan vooral over het Engels renaissancetheater, meerbepaald het werk van John Ford. Die bouwde zijn “’tis Pity She’s a Whore” zeer bewust op rond het thema van vrijwellige incest tussen twee volwassenen, wetende daar mee een zeer sterk taboe (dat tot vandaag de dag nog enigszins verder leeft) aan te raken.
Greenaway vult deze rol in zijn film met kannibalisme, wat hij beschrijft als het meest obscene dat mensen mekaar kunnen aandoen. Het thema ‘kannibalisme’ wordt in tegenstelling tot incest namelijk niet uit de weg gegaan in de populaire cultuur maar vrij regelmatig geconfronteerd. Dit gebeurt zonder uitzondering ofwel met een afstandelijke verontwaardiging, ofwel op een geamuseerde/humoristische manier. Zelfs in de donkere uithoeken van het internet, waar kannibalisme tot seksueele fetisj wordt verheven, heeft de fantasie vrijwel uitsluitend betrekking op een karikaturale, bijna speelse voorstelling van deze praktijk. Net daarom zou kannibalisme wel eens een nog sterker taboe dan incest kunnen zijn, en de intrede van dit thema in de film mist haar effect niet: de slotscène is tegelijk opwindend en uitermate walgelijk.
“The Cook, The Thief, His Wife and Her Lover” was binnen de normen van de arthouse cinema een absolute kaskraker, uitgebracht op het scharnierpunt tussen de jaren ‘80 en ‘90. Margaret Thatcher leeft twintig jaar later nog steeds, indien nauwelijks nog fysiek dan wel uitermate sterk in de geesten van de regerende klasses vandaag. Greenaway’s symbolisme blijft relevant, kannibalisme blijft taboe. Eet smakelijk.
Schrijf je dit nu gewoon voor je plezier? Eigenaardig maar waar. Ik had alles al mondeling gehoord natuulijk.
Toch knap gedaan.
Hildegard
19 oktober, 2009 op 22:05