Der Himmel über Ganshoren

Sinds vorig jaar zit ik in Brussel op kot in een soort van kelder. Naast de vele voor de hand liggende voordelen die zoiets met zich meebrengt - het kalmerende geluid van de rioleringen ’s nachts, de slakken in de gang, de verdachte vloeistof die binnensijpelt vanuit de gaten in de muur – heeft dat echter ook enkele minder aangename kanten.
Zo heb ik bijvoorbeeld niet echt een panoramisch uitzicht: mijn enige raam kijkt uit op een strategisch neergezet muurtje dat zowat 3/4de van het daglicht buiten houdt. Nu goed, zo erg is zelfs dat niet: ik ben nooit een van die mensen geweest die je op uitspraken zal betrappen als “Tjonge tjonge, wat is dat daglicht toch bijzonder aangenaam”. Hoe minder belichting, hoe minder die vlekken op mijn hemd en mijn amateuristische scheerbeurt opvallen, denk ik altijd maar.
Toch denk ik dat ik mij volgend jaar op een nieuwe locatie ga vestigen en daar heb ik maar liefst twee redenen voor. Allereerst is er die verschrikkelijke naam van mijn deelgemeente. Ik had mij kunnen vestigen in “Elsene” of “Watermaal-Bosvoorde”, namen die klinken als een bijzonder klassevol bejaardentehuis, of in Sint-Joost-ten-Node - drie (3!) splitsingsstreepjes, niet mis - maar ik koos voor Etterbeek, dat zelfs in het Frans, een taal die van ’s Gravenbrakel iets moois als Braine-le-Comte kan maken, gewoon Etterbeek blijft.
Etter. Beek. Laat ook die ‘beek’ niet aan uw aandacht onsnappen. Alsof het nog niet genoeg was om “een meestal dik- of dunvloeibare substantie die zich in het lichaam in een holte bevindt bij langer bestaande ontstekingen, of die uit ontstoken wonden vloeit” in de naam te verwerken, moest het ook nog eens een hele beek van dat walgelijke goedje zijn. Etterplas was toch net niet walgelijk genoeg, blijkbaar. En ja, ik weet het, die naam is in feite afgeleid het Latijnse woord voor een snel vliedende beek en heeft een traditie van bijna duizend jaar. Maar laten we eerlijk zijn: “snel vliedende bleek” is ook niet bepaald opwindend of poëtisch en zal er iemand werkelijk protesteren tegen een naamsverandering naar iets appetijtelijker?
Ik ga hier niet doet alsof ik nog andere, minder belachelijke, reden nodig zou hebben voor een verhuis. Gelukkig, want mijn tweede reden is eigenijk even onnozel: geen televisie. Ik zie op Facebook groepen verschijnen met titels als “Pieter & Ghislaine moeten deelnemen aan Temptation Island!” maar ik heb geen idee wie die mensen zijn, ik lees in Humo nog steeds dezelfde wilde verhalen over de boezem van Sabine Hagedoren maar van die borsten blijft in mijn geheugen nog maar een vage schim over en ik heb weliswaar mijn oude videobanden van Jan Becaus nog, maar dat is toch niet helemaal hetzelfde als the real thing. Ik voel mij als het ware een beetje zoals die engelen in “Der Himmel über Berlin”, met ‘Paradise Hotel’ dan in de rol van “het leven”. Ik zie hoe mensen het beleven, er over spreken, maar zelf zal ik het genot nooit kunnen ervaren. Tenzij…
Tenzij ik mijn harnas afgooi en naar een mooiere, betere plaats verhuis, waar programma’s door de tv-kabels vloeien als water door een prachtige vallei & verveling, lelijkheid en onrecht nog slechts lang vergeten artificaten uit een oude, vergane wereld zijn.. Misschien Ganshoren eens proberen.
Hé, ik ken Pieter & Ghislaine ook niet en ik leef niet in de kelder…
Ixelles c’est super! Geen rusthuizen hier, we hebben hier echter wel een fantastisch kerkhof. En zelfs Audrey Hepburn is hier geboren! Goeie kweekvijver zeg ik zo! uitroeptekens! flor! is! plezant!
Maar Etterbeek heeft Hergé! … en Herman Van Rompuy.
Mister downstairsloft not so lofty anymore hé! Vanaf volgend jaar wonen hanne en ik lekker samen in mijn luxe appartement in centre Broeksel! Waar IEDEREEN geboren of verwekt is! Ha!
Ach mis naar het schijnt is Paul Segers daar niet geboren, dus bestaat dat in sé niet.
[...] tijdelijke functie, tot ik een nieuw kot heb gevonden waar het minder verdacht ruikt. Merk op dat het doorseinen van signalen naar mijn [...]